Theorie

Hieronder een korte toelichting op de meest voorkomende methoden van luchtfiltratie die op dit moment worden toegepast.

Zeefprincipe

De meest basale vorm van filtratie. Het deeltje is groter dan de ruimte tussen twee vezels, waardoor het de luchtstroom niet langer kan volgen en wordt opgevangen.

Botsingsprincipe

Het mechanisme waarbij grote deeltjes met een hoge dichtheid worden opgevangen, wordt aangeduid met het botsingsprincipe. Als de door lucht gedragen deeltjes het filtermateriaal passeren, buigt de luchtstroom af, rondom de vezels. Door de massatraagheid van het deeltje botst het met de vezels waar het zich aan zal hechten.

Diffusie

Treedt met name op bij zeer kleine deeltjes die een onregelmatig stromingspatroon hebben, op een manier die is te vergelijken met moleculen in gassen, en niet noodzakelijk de luchtstroom volgen. Dit onregelmatige patroon staat bekend als Brownse beweging en vergroot de kans om deeltjes te vangen via het contact met de vezels.

Onderschepping

Vindt alleen plaats bij synthetische vezels. De onderschepping treedt op wanneer een deeltje de luchtstroom volgt maar door de vezel wordt aangetrokken terwijl het deze passeert. Dit als gevolg van de elektrostatische kracht die het deeltje naar de vezel trekt, waar het wordt vastgehouden.

De werking van luchtfiltratie – Hoe werkt een luchtfilter eigenlijk?

Hoewel twee filters er hetzelfde kunnen uitzien, kunnen ze aanzienlijk van elkaar verschillen onder de behuizing. Deze verschillen zijn van invloed op de filtratie-efficiëntie, drukval en de levensduur van elk product.

Om onderscheid te kunnen maken tussen verschillende filters, is het belangrijk om te begrijpen hoe een luchtfilter werkt. Onze SlideShare werpt een korte blik op de werking van filtratie - en laat zien wat er in een filtermedium gebeurt en hoe dit het luchtfilterontwerp beïnvloedt.

Lees onze SlideShare – De werking van luchtfiltratie